Klaverblad Heerenveen

De Vier Poorten, Campus College Veldhoven

beschrijving ¬

de Poort naar het Noorden.

Het ontwerp bestaat uit 2 kunstwerken die tezamen “ de Poort “ vormen. Vanuit het zuiden, richting noord (Groningen) wordt de hoger gelegen oost – west verbinding Heerenveen- Leeuwarden gekruist; direct achter de lussen, in de twee grote ’driehoeken’ komt in de grotere, links, de Waterfabriek, en rechts de Lichtschrijver.

Beide objecten hebben het zichtbaar maken van energie en de veranderingen daarin als vormgevend principe, gedacht vanuit de 4 elementen: vuur (licht) aarde lucht (wind) water

 

de Waterfabriek.

Een nieuwe vorm van windturbine, de zeilwindturbine, met verticale bladen (5 x 7 meter) zet de hoeveelheid wind om in een hoeveelheid water dat uit talloze buizen naar buiten spuit. De zijlwindturbine komt bij wind tevoorschijn uit een cylindrisch huis, ruim 16 mtr hoog. Inclusief de vrije ruimte tussen de bladen en het huis bedraagt de totale hoogte 29 mtr. Aan de cylinder zijn twee ‘armen’ gebouwd, evenwijdig aan elkaar. De afstand tussen deze wanden is op de grond dezelfde als de uitwendige diameter van het cylindrische huis (12½ mtr.), bovenaan vallen ze aan de buitenkant 1.54 mtr. naar binnen. Ertussen, tegen de cylinder aan staat een grote doos, ook 16 mtr. hoog, 3 mtr. breed en 1.32½ mtr. diep. Hierin wordt het opgepompte water verdeeld over 5 reservoirs. Elk reservoir stuurt het water via rubberen slangen naar twee horizontale buizen ø 20 cm aan de binnenkant van de wanden, over de totale lengte ervan (26 mtr.) Er zijn links en rechts 5 van zulke buizen, over de hoogte van de wand verdeeld. Haaks op elk van deze buizen zijn kleinere buizen gelast Ø 15 cm variërend in onderlinge afstand volgens het plastisch getal van Dom Hans van der Laan (zoals alle maten in het kunstwerk). De voorkant van al deze pijpen ( 46 aan iedere kant = 96 totaal ) liggen in het verticale vlak, terwijl de wand enigszins naar binnen helt; de onderste buizen zijn daardoor kort, de bovenste het langst. De hele Waterfabriek is een staalconstructie, waarin de opbouw en de structuur in één opslag te zien is, compleet met loopbruggen om bij de buizen te kunnen, waterreservoir en zeilwindtechniek. Aan de buitenzijde, rondom, is het kunstwerk bekleed met eikenhout. De buizen en pijpen zijn van rood-koper, en steken door het eikenhout heen; de tijd zal zichzelf manifesteren door het spoor dat de oxydatie van het koper op het hout zal tekenen. Er is een directe relatie te zien tussen de hoeveelheid wind en de hoeveelheid water; als het niet waait is er geen water en is ook de zeilwindturbine niet te zien, als het gaat waaien komen eerst de zeilwindturbine-bladen naar buiten en spuit het water achtereenvolgens eerst uit de onderste pijpen, en zo steeds hoger. Bij harde wind spuiten alle 96 monden verdeeld over 5 verschillende hoogtes, waarbij de waterboog bij de onderste buizen groot is, en bij de bovenste heel kort (vanwege het verstuiven)

 

De Lichtschrijver

Een ovale toren, met dezelfde hoogte als de Waterfabriek is voorzien van talloze kleine openingen. In elk daarvan is een glasfiber-kabel of LED geplaatst. Boven op de toren, 1 meter ingelaten, staat een goed zichtbare driehoek. De driehoek steekt uit de ovale vorm, vanwege de positie van de toren ten opzicht van die driehoek, waarvan de lange zijde op het zuiden gericht is. In deze driehoek is een recorder gemonteerd die de wisselingen in de hoeveelheid licht van één dag noteert, van 7 uur tot 19 uur. Dan “ spoelt “ de recorder terug en herhaald het licht van de dag in de nacht. Bij het meest mogelijke licht, worden alle gaten verlicht; kwam er ineens een wolk voor de zon, dan doven er ineens veel lichtjes. In Nederland hebben we een grote traditie in het omgaan met licht en luchten die zich voortzet in de Lichtschrijver die elke nacht alle wisselingen in het licht laat zien van de dag ervoor.